Print

De donkere kant van de honingindustrie

Een imker die in een volledig wit beschermingspak een goudgele vloeistof uit de honinggraten slingert. Met respect voor dier en natuur. Honing lijkt wel een van de meest pure producten die onze aarde te bieden heeft. Bijen die van bloem tot bloem zoemen om daarna dit zoete goud te produceren. Dat is tenminste wat grote honingproducenten ons wijsmaken. De realiteit ziet er heel wat minder rooskleurig uit.

Wereldwijd daalt het aantal bijen. Uit onderzoek van Natuurpunt blijkt dat meer dan de helft van de bijenpopulaties hier in België bedreigd is. Dat heeft tal van oorzaken: door bebouwing en de versnippering van natuur is er minder voedsel, pesticiden en bestrijdingsmiddelen brengen de gezondheid van de bijen in gevaar en exoten zoals de Aziatische hoornaar zetten de bij op hun menu. Toch stijgt de globale honingproductie jaar na jaar. Een vreemde paradox die vraagtekens oproept bij het productieproces in de honingsector.

Valse honing

Uit een studie van Test Aankoop blijkt dat ruim de helft van de honing in onze supermarkten vervalst is. Wim Reybroeck is onderzoeker bij ILVO (instituut voor landbouw-, visserij- en voedingsonderzoek) en specialiseert zich in analyseren van honing. Hij vertelt waarom er zoveel fraude is binnen de honingsector. “Het is een markt die er zich uitstekend toe leent. Het aantal bijen daalt, net zoals alle andere insecten in de wereld, maar de vraag naar honing stijgt wel. Om die vraag bij te houden, foefelen honingproducenten al eens. Ze willen met minder bijen meer honing produceren.”

Om die honing effectief te vervalsen zijn meerdere technieken mogelijk. “Als eerste kunnen frauduleuze imkers onrijpe honing oogsten. Die honing laten ze dan industrieel indikken met nectar. Ze laten de honing artificieel drogen waardoor ze een grotere productie halen. Een tweede optie is het verkopen van multiflorale honing als duurdere monoflorale honing. Concreet: pure lavendelhoning is tweemaal zo duur als multiflorale honing. Dat wil zeggen dat de bijen enkel in aanraking zijn gekomen met lavendel. Natuurlijk is dat niet evident, maar daarom is die honing net zo duur. Bepaalde producenten willen dat omzeilen door bijvoorbeeld lavendelolie toe te voegen. Ze verkopen de honing dan onder de noemer lavendelhoning – dubbel zo duur – maar in realiteit is het normale boshoning.”

“Een derde optie is het verkopen van importhoning als lokaal geproduceerde honing. Als je het label EU-honing op je etiket kan kleven, wekt dat vertrouwen op bij de consument. China is echter de hoofdleverancier wereldwijd, maar we weten dat bepaalde Chinese fraudeurs goedkope suikersoorten toevoegen aan hun honing. Bepaalde handelaars, vooral in Oost-Europa, voeren deze goedkope Chinese honing in. Daar voegen ze 1% Europese honing aan toe. Op het etiket vermelden ze ‘gemengde EU- en niet EU-honing’. Door het merk EU zijn consumenten sneller bereid om de honing te kopen. In realiteit gaat het dus om valse, goedkope Chinese honing”, vertelt Reybroeck.

“Als laatste is kunsthoning ook een mogelijkheid. Daar komt amper een bij aan te pas. producenten voegen water toe aan bepaalde siropen en verkopen die als honing. Door bepaalde pollen toe te voegen aan het mengsel wekken ze de indruk dat er toch met bloemen gewerkt is”, geeft hij mee.

Lakse regelgeving?

De definitie van honing in de regelgeving is duidelijk: 100% puur zonder toegevoegde suikers. Hoe vindt al die vervalste honing dan zijn weg richting onze supermarkt? “Op vlak van suikervervalsing zijn de regels behoorlijk streng, maar naar etikettering is het de regelgeving laks. Zoals in het voorbeeld van de EU-honing waarbij slechts 1% honing effectief uit de EU komt.”

“Daarnaast zijn testen en staalafnames momenteel nog ondermaats. Het analyseren van alle honingmerken op de markt is erg laboratoriumintensief. Het is dus niet eenvoudig om elke honing stevig onder de loep te nemen.”

Volgens Reybroeck moeten fraudeurs streng bestraft worden als we af willen van valse honing. “We moeten zo veel mogelijk testen en labo-analyses uitvoeren. Wie niet voldoet aan de eisen,  moet een zware boete krijgen. Nu schrikken de regels fraudeurs niet af. De resultaten moeten ook openbaar gepubliceerd worden zodat consumenten weten wat ze kopen.”

Eerlijke imkers een kans geven

Om eerlijke handel binnen de honingsector te garanderen, besloten enkele organisaties hier in België hun schouders te zetten onder duurzame projecten.  In onder andere de Oxfam-wereldwinkels kan je vandaag honing kopen die op eerlijke wijze geproduceerd is. Met respect voor dier, natuur én arbeider. Daarnaast voldoet deze honing wel aan de specifieke definitie: 100% puur zonder toegevoegde suikers.

Dé drijvende kracht achter fairtrade honing is ons land is de organisatie MAYA.  Benoît Olivier is coördinator voor Latijns-Amerika en zit in de raad van bestuur. “Onze organisatie is ontstaan in 1975. Het eerste land waar we partners hadden was Guatemala. Ons doel was om de lokale boerenbevolking te steunen en duurzaam geproduceerde honing ook in ons land aan te bieden. Dat werd gefinancierd met eigen middelen, geen subsidies dus.” Ondertussen is de organisatie uitgebreid op verschillende facetten. “Van 1975 tot 1985 werkten we uitsluitend met vrijwilligers. In 1985 is voor het eerst iemand vast beginnen werken voor MAYA. Vandaag hebben we een iemand die fulltime met onze organisatie bezig is. Daarnaast zijn er vijf personen die parttime werken voor MAYA. We hebben ook nog een heleboel vrijwilligers die zich inzetten. Naast ons eigen personeel hebben we ook onze buitenlandse partners stevig uitgebreid de afgelopen jaren”, vertelt Olivier.

MAYA werkt samen met imkers uit Bolivia, Kameroen, Rwanda, De Democratische Republiek Congo, Mexico, Honduras, El Salvador, Uganda, Ethiopië en Guatemala. “Meestal krijgen we vanuit andere ngo’s de vraag om samenwerkingen op poten te zetten met lokale boeren. Wij gaan dan ter plaatste en kijken wat allemaal mogelijk is. Dat was bijvoorbeeld het geval in Bolivia. Wij kregen informatie over een imkerboerderij via de ngo frères des hommes. Wij besloten de lokale imkers te contacteren én trokken richting Bolivia om daar zaken te bespreken. Zo komen wij aan onze partners.”

De missie van de organisatie is duidelijk. Ze wilt de levensomstandigheden van plattelandsgemeenschappen in het Zuiden verbeteren en een wederzijdse, respectvolle en rechtvaardige relatie creëren tussen de producenten in het Zuiden en de consumenten in het Westen. Daarbij richten ze zich specifiek op imkers die zich hebben georganiseerd of zich willen organiseren.

Directe impact

Wat betekent dit nu concreet en hoe merkt een Boliviaanse imker de invloed van MAYA? “De aanwezig van MAYA in Bolivia begon in 2012. Een vereniging van imkers had hulp nodig bij het fokken van koninginnen en wij waren die helpende hand. De vereniging was gevestigd in een natuurgebied waar enkel menselijke activiteiten zijn toegelaten die geen schade toebrengen aan de omgeving. Dat is een belangrijke voorwaarde bij een eventuele samenwerking”, geeft Olivier mee. “We kwamen ook in contact met een andere Belgische ngo die actief is in Bolivia. Samen met die ngo zetten we een project op poten in drie verschillende regio’s. In elke regio hadden we een strategie voor de bijenontwikkeling die afgestemd was op de kenmerken van de streek.”

“Hetzelfde verhaal kunnen we vertellen in Congo. Samen met twee andere ngo’s startten we het project Synapic op. Het doel was om de bijenteeltactiviteit in Congo te professionaliseren en zo mee te helpen in de strijd tegen ontbossing. Daar spelen bijen namelijk een cruciale rol in. Via bestuiving zorgen ze voor de bevruchting van bloemen en de groei van vruchten en zaden. Een imker ontfermt zich over de bossen, omdat het de grootste bron van voedsel is voor de bijen. Wij staan de imkers bij door hen vormingen te geven over nieuwe technieken, hen te voorzien van het geschikte materiaal en door samen een strategisch ontwikkelingsplan uit te tekenen.”

Naast het begeleiden van de imkers zorgt MAYA voor een eerlijk loon. “We zorgen dat imkers in het Zuiden een correcte verloning krijgen voor hun werk. De verkoop nemen wij niet voor onze rekening. Dat gebeurt in samenwerking met Oxfam.”

Sensibiliseren

MAYA probeert niet enkel een directe impact te hebben op lokale imkers, maar informeert ook de Belgische bevolking over het belang van eerlijke handel. “We ondersteunen scholen en leerkrachten die educatieve projecten rond fairtrade willen opzetten. We doen dit vooral aan de hand van onze Mayazines. In die magazines geven we eerst en vooral uitleg over duurzame handel. Daarnaast werkten we een interactief rollenspel uit die leerkrachten kunnen gebruiken in hun klas. Zo willen we bevolking sensibiliseren en aanmoedigen om voor fairtrade producten te kiezen”, aldus Olivier.

MAYA organiseert jaarlijks een evenement dat imkers van over de hele wereld samenbrengt. “In december houden we telkens de Noord-Zuiddag. Daar kunnen imkers uit alle hoeken van de wereld elkaar ontmoeten. Ze kunnen gemeenschappelijke problemen bespreken en samenwerkingen op poten zetten. Belgische imkers kunnen zelf ambassadeur worden van collega’s in het Zuiden. Dat kan zowel financieel als door expertise te delen. Het is mooi dat imkers van over heel de wereld de handen in elkaar slaan om pure en eerlijke honing aan te bieden”, besluit Olivier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *